Pagina's

woensdag 1 april 2015

Ralfi-lezen


Vorige week zijn we gestart het het Ralfi-lezen.
De tekst hieronder komt van de site Ralfilezen.nl en legt het hoe en waarom van de aanpak uit.

"RALFI staat voor Repeated Assisted Level Feedback Interaction.

RALFI-lezen in het kort

Kinderen die langdurig veel te traag lezen maar de spellende leeshandeling beheersen, komen in aanmerking voor RALFI-lezen. Hierbij leest een groepje kinderen samen met de leerkracht 4 tot 5 keer in de week een relatief moeilijke tekst. De teksten sluiten aan bij de belevingswereld van de kinderen en het niveau mag tot drie niveaus boven het beheersniveau liggen. 

Voor wie is RALFI geschikt?
RALFI is geschikt voor kinderen bij wie ...
  • ... de spellende leeshandeling (grotendeels) wordt beheerst, maar toch veel te traag blijven lezen.
  • ... het AVI-niveau (vrijwel) blijft stilstaan; de vorderingen beslaan minder dan 2 AVI-instructieniveaus per jaar.
  • ... herhaalde presentatie van korte, op elkaar gelijkende woorden, vaak niet of nauwelijks tot verbetering leidt van het lezen.
  • ... het opvallend is dat vaak langere woorden met een complexe orthografische structuur minder problemen opleveren dan korte woorden.

Wat zijn RALFI-teksten?

Omdat een RALFI-tekst 5 keer in de week gelezen wordt, is niet iedere tekst automatisch te gebruiken als RALFI-tekst. Een RALFI-tekst voldoet aan de volgende eisen:
  • Informatieve tekst; Een RALFI-tekst dient informatief te zijn en niet verhalend. Het kind kan door de tekst iets over het onderwerp leren.
  • 300 woorden; Een RALFI-tekst dient ongeveer 300 woorden te bevatten. 
  • Het onderwerp is belangrijker dan het niveau. Uit onderzoek is gebleken dat zwakke lezers, bij gebruik van de RALFI-methode, een tekst kunnen lezen die tot 3 AVI-niveaus boven het beheersniveau ligt. Hierom zijn teksten op www.ralfilezen.nl gesorteerd op onderwerp en niet op AVI-niveau.

Uitgangspunten

R= Repeated
     Herhaald lezen met tussenpozen.
A= Assisted
     Ondersteund door voorlezen-voorzeggen en bijwijzen.
L= Level:
    Inzetten op een hoog niveau.(leeftijdsadequaat)
F= Feedback
     Directe neutrale feedback bij fouten, maar ook toegespitste positieve feedback.
I= Interactie
     Enthousiaste interactie over de inhoud.

Aanbiedingsvormen
Voorlezen:
De eerste vijf keer dat een tekst gelezen wordt, leest de leerkracht (ouder) de tekst eerst vloeiend voor in een normaal leestempo. De kinderen lezen mee, terwijl ze bijwijzen. De zesde keer wordt de tekst niet voorgelezen maar lezen de kinderen de tekst zelf voor.
Koorlezen:
Na het voorlezen vindt koorlezen plaats. Alle kinderen lezen tegelijkertijd en hardop de tekst voor. (Thuis leest het kind samen met de ouder de tekst hardop voor.)
Duolezen of individueel lezen:
Vervolgens wordt gebruik gemaakt van duolezen of individueel lezen. Bij het duolezen leest het ene kind de tekst, terwijl het andere kind meeleest en helpt waar nodig is. Hierna wisselt dit. Bij individueel lezen, leest het kind de tekst hardop , terwijl de leerkracht meeleest en helpt waar nodig is.

5 sessies
Elke dag moeten de kinderen minstens 30 minuten lezen. Bij zwakke lezers komt hier nog een keer 15 minuten bovenop. Kinderen moeten dus leeskilometers maken. Door meer te lezen zal het leesniveau stijgen."

Op school volgen wij deze methode op lichtjes aangepaste wijze. De komende weken trachten we zo de leesvaardigheid van de betrokken kinderen te verhogen. Terwijl een groep kinderen bij meester Marc aan dit Ralfi-lezen doet, zijn de anderen bij juf Sofie aan de slag met Nieuwsbegrip. Daarbij wordt vooral het begrijpend lezen verder geoefend op basis van teksten die de actualiteit op de voet volgen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Bedankt voor je reactie!
Je tekst verschijnt niet meteen. Hij wordt eerst nagelezen.
Het kan dus even duren voor die hier getoond wordt.
Kom later nog eens terug. Misschien heeft er wel iemand geantwoord op jouw opmerking ...